zaterdag 16 augustus 2014

Pukkelpop 2014 @ Kiewit, Hasselt

Het verslag op OOR : Pukkelpop 2014
Fotoverslag : Pukkelpop

Deadmau5
Als er al punten dienen gezet te worden achter de festivalzomer, dan mocht Pukkelpop 14 er eentje met stijl zijn. Drie dagen rondrennen in een muzikaal pretpark werd het. Een pretpark dat ieder jaar de lat nog een beetje hoger lijkt te leggen.
De 29 ste editie legde een mooie basis voor jubileum editie 30 van volgend jaar. Wellicht krijgen we dan een terugblik over dertig jaar history en tegelijkertijd ook een vooruitblik naar de muzikale toekomst. Dat laatste is Pukkelpop zich steeds meer in gaan specialiseren. Alle stigma’s ten spijt is dit festival het enige dat allebei kan aanbieden en er nog mee wegkomt ook. Deze unieke mix is Pukkelpop, en dat hebben ze zelf zo gemaakt, en laat hen dat alsjeblieft blijven doen.
229 bands en dj’s is behoorlijk wat, en spreekt vanzelf dat je ieder jaar een harverscheurende selectie dient te maken, maar dat is net het leuke aan PkP. Je begint je voorbereiding maanden eerder, spoorboekje samenstellen, en tussenin de tijd die je eventueel over hebt in te vullen met een bezoek aan een band die je totaal niet kent.
Dat deden we dit jaar ook weer, maar uiteraard stonden daar ook weer die acts die je zo graag (nog’s) wil ondergaan.
Young Fathers

We begonnen onze veldtocht op donderdag in de Castello, meestal toch onze favoriete hangout op PkP, met Schotse hiphop. Al zitten in de YOUNG FATHERS ook een Nigeriaan en een Liberiaan. Het soundkanon dat ze meteen na aftrap afvuurden hield het midden tussen bombastiek en rhymes, maar deze laatste dan op kniehoogte, zodat je wel moest neergaan. Het heeft wat van tv on the radio met die gasten van front 242 die in de coulissen liggen mee te schreeuwen. Een straffer begin hebben we zelden meegemaakt (***)



Perfect Pussy
We zijn ook genoeg gehyped over PERFECT PUSSY om toch minstens even te gaan kijken. Dat laatste kan je trouwens letterlijk nemen, hun set duurde net iets langer dan een kwartier. Feit blijft dat we zelfs daar vroeger huilend zijn weggerend. Het is een compleet mysterie wat dit bandje zo boeiend maakt. Nochtans hebben we absoluut niks tegen schreeuwende wijven over een snoeiharde gitaarmuur heen. Hier ging het toch enigzins verkeerd, Meredith Graves spuwt noise, krijst als de betere harpij, en vuurt haar teksten zo snel af dat je de kans niet krijgt om dekking te zoeken. Dat mag ook allemaal, hoort zo bij punky noise. Maar dan mag het nog een beetje samenvallen vinden we. De geluidsbarriere werd moeiteloos doorbroken, maar we konden geen enkele song ontdekken. Misschien ook omdat hun geluidsman erin slaagde enkel haar schelle stem door de speakers te jagen, en zowel drum, bass als gitaren ergens in de mix te verstoppen waar die nog jaren onvindbaar zullen blijven. (*)

Terug richting mainstage waar we Gogol Bordello weinig nieuws onder de waterzon zagen brengen.  Dan maar weer de andere kant uit naar Karen Marie Ørsted , beter bekend als Mø (**) die in de dancehall elektropop uit haar laatste  ‘No Mythologies To Follow’ met toch wel erg weinig passie aan de man bracht. Maar weinig passie hoeft niet meteen onaardig te zijn, ze bleef interessant genoeg voor een half uurtje anticiperen naar DIE ANTWOORD. 
Die Antwoord
De Zuid Afrikaanse waanzin van ¥o-Landi Vi$$er en Ninja schoot helemaal raak aan een intussen zo goed als volle mainstage. Je kan het gewoon wat ordinair gebral  vinden, maar je kan nooit ontkennen dat dit een clevere act is. Ze evolueerden sinds hun passage in 2010 op PkP enorm, en kunnen nu makkelijk een mainstage aan. In die mate zelfs dat het echt nooit, zelfs geen seconde vervelend werd. De entertainment factor ligt een stuk hoger dan vroeger, zodat je de ene gimmick na de andere diende te slikken. Op het ene moment druipt de ironie ervan af, terwijl ze op momenten dan ook weer erin slagen echte songs te produceren. Fijne passage, met vrijwel permanente hoogtepunten. Al begint de productie iets te gladjes te worden, zodat de ranzigheid zich begint te beperken tot de teksten enkel. (***)
Janelle Monae
Ranzigheid is dan weer iets waar je JANELLE MONAE (**) niet van kan beschuldigen. Strak in zwart en wit was ook hier de productie mooi doordacht, maar helaas de spankracht wat minder. Al kan je haar niet verwijten dat ze het erom deed. Integendeel, zelden een zangeres zo zien werken op die grote mainstage om het publiek, dat maar matigjes was opgekomen, mee te krijgen. Ondanks een trits uitstekende songs, zich situerend in het toch wel betere r&b werk, en een uitstekende band, sloeg de vonk nooit echt over. Ze kon wel boeien, in die mate zelfs dat je jezelf erop betrapte toch te blijven staan ook al had je linkerhersenhelft besloten te vertrekken.  Niet onaardig, en dit nodigde uit een eventuele passage in een club te gaan bekijken. Niet echt festivalvoer dit. Maar wel een uitstekende opwarming voor Outcast een uurtje later.

Editors
Afsluiten doen we dag 1 met oa EDITORS (**) die er welliswaar in slaagden een waardig concert neer te zetten, en meteen ook de hele weide moeiteloos inpakten, maar voor ons helaas niet veel concertplezier brachten.  De mindere start zorgde al snel voor een déja vu gevoel, en dat ging zelfs na het herstel bij ‘smokers outside the hospital doors’ nooit meer over. Teveel spektakel ook bij een bombastisch einde, en niet meer de band waar we ooit zo verliefd op werden.

Slowdive
Sommige verliefdheden blijven echter, ook nog na 20 jaar, SLOWDIVE (*****) sloot de club af, en deed dat zoals ze dat 20 jaar geleden ook zouden gedaan hebben. Niet enkel met dezelfde songs (ze hebben al twee decennia pauze) , maar ook met dezelfde drive, beheersing en beroepsernst.  Het shoegaze genre mag dan jaren geleden uitgespuwd zijn, net zoals de bands die er voor stonden,  de tijd heeft gewoon geen invloed gehad op deze band. Het feit dat ze terug spelen gaf al kippenvel. De show zelf zorgde gewoon voor natte wangen, niet van het zweet overigens, want er stond veel te weinig volk in de tent. Slowdive zette bloedmooie zweverige soundtapijten neer tegen de wanden van de club en liet Rachel Goswell daar subtiel overheen zingen.  De set werd een constant crescendo naar hoogtepunten ‘machine gun ’ en ‘Allison’ en bleef nog makkelijk een uur of drie nazinderen.

Nick Waterhouse
Vrijdag laten we beginnen met de vintage rhythm-and-blues van NICK WATERHOUSE(**) in de Marquee. Het ziet er om te beginnen schitterend uit, een backing zangers met een jurkje dat de zeitgeist illustreert waaruit de band hun nummers naar boven tovert. Ook Nick zelf lijkt een beetje op Buddy Holly. Het ziet er allemaal fijntjes uit ja,  het borrelt wel een uur lang, de vulkaan wil echter nooit spuwen. Een klein beetje lava zou al al genoeg zijn.  Mooie songs maar veel te braafjes. Het moet niet altijd vuil en ranzig zijn, maar een beetje minder studio zou helpen. We hadden even het idee dat we naar een opnamesessie stonden te kijken.  
THE VAN JETS (***) hadden iets meer ‘je ne sais quoi’ factor op de mainstage. Hier werkte het wel, meteen interacterend met een welliswaar jong publiek, hielden ze hun live reputatie hoog. Fijne gig, waarin echter niet zo heel veel nieuws te rapen viel.  Maar de PkP mainstage is dan ook niet meteen de ideale plek om veel  nieuwe songs te gaan testen  .


Omar Souleyman
Of de songs van OMAR SOULEYMAN (*****) in de Castello even later nieuw of oud waren komen we wellicht nooit te weten. Feit is dat Arabisch, en zeker de Syrische variant niet echt simpel is om volgen in een bizar volle tent.  Ongelooflijk hoe de castello compleet tot in de nok volzet raakte een halfuur voordat de man op het podium verscheen. Zelfs voor hij begon had hij de hele tent al mee. Het publiek scandeerde zijn naam en maakte er een feestje van dat gewoon totaal explodeerde zodra de in traditionele kedij gestoken Syrische builoftzanger zijn zonnebril door de coulissen stak. De lucht in de castello werd al snel ranzig, maar de muziek van Souleyman deed dat snel terug vergeten. Een vol uur lang was dit genieten van schitterende Arabische feestmuziek, cool geserveerd, maar warm ontvangen door een menigte die door het lint ging. Souleyman deed eigenlijk niet veel meer dan wat over het podum ijsberen, en snelvuur Arabisch afdrammen onder begeleiding van een riedelend keyboardje, maar alles klopte zo mooi. Zijn handgebaren en starre blik brachten ons zeker bij ‘Warni warni’ in complete extase. Zo mag er nog veel meer op PkP staan.  Ondanks de nu al enorme keuze kan er best nog wel wat etnische muziek bij toch ?
The National
Headliner op vrijdag is THE NATIONAL(****) die zichtbaar meer moeite hadden om het publiek mee te krijgen dan tijdens hun passage in Vorst in november 2013. Een iets minder toegankelijke setlist misschien waardoor de niet diehard fans niet heel massaal waren komen opdagen aan de mainstage ? Nochtans klonken ze strakker dan ooit, vurige versies van ‘conversation 16’ en ‘abel’ bv lieten Berringer vol gaan, en  de band strak spelen. Tijdens de eerste drie of vier songs zat hij niet helemaal waar hij wilde, maar toen hij na ‘sea of love’ een “fuck it” uitspuwde en een biertje over het podium keilde greep hij naar de traditionele fles wijn en zetten een bloedstollende versie van ‘afraid of everyone’ in.  Mis ging het nooit, en al helemaal niet tijdens de twee afsluiters ‘mr November ‘ en ‘terrible love’, waar Berringer, ook al traditiegetrouw, zijn publiekswandeling maakte. Maar echt spannend werd het dan ook weer niet. Kwaliteit zonder dat gouden randje wat ze in Vorst wel hadden.  


Kurt Vile
Puur goud geven we graag weg aan club afsluiters THE WAR ON DRUGS (*****) die zwaar geanticipeerd , maar met verve de verwachtingen doorstonden. Opener ‘under the pressure’ meteen raak, en het werd nadien met ‘Baby missiles’ , ‘best night’,  en  zeker ‘lost in the dream’ enkel beter en magistraler. Uitgesponnen gitaartapijten  en een guest appearance van ex bandlid KURT VILE (eerder op de dag in dezelfde club ***)  toverden een sfeertje wat opnieuw urenlang in je hoofd bleef hangen.   


Derde en laatste dag zaterdag kwam nogal moeizaam op gang, ook al omdat je dat dagje ouder toch wel begint te voelen. Een beetje regen op zaterdag, en ook een beetje  punk om te beginnen. BIG UPS (****) stookten al heel vlug een vuurtje in de marquee.  Een van nektapijt voorziene dolgedraaide zanger, een waar geschenk voor fotografen, en snelle songs waar je zowaar ouwe wire en fugazi invloeden in hoorde.  Post hardcore heet dat tegenwoordig. Fijn spul, en opnieuw zichzelf uitnodigend om te herontdekken ergens op een late hersfstavond in een Brusselse club.
You Me At Six

YOU ME AT SIX (*) hadden intussen geëvolueerd moeten zijn naar een volwassen band met stadion aspiraties, maar meer dan wat teeny emo tunes produceerden ze niet. De zanger is een mooie jongen, maar daar is dan alles mee gezegd.

Glass Animals
GLASS ANIMALS (****) toverden de Marquee om in een ballroom in Oxford. Alt-j was nooit heel ver weg, maar ondanks dat kreeg hun elektro-triphop snel vat op een volgelopen tent. Al waren ze zelf wellicht even onder de indruk van het aantal mensen wat plots naar hen stond te kijken. De set bleef altijd spannend, mede dankzij hun subtiele spel, mooi beheerst en voorzien van clevere teksten.  


Bill Callahan
BILL CALLAHAN (****) deed even later in de Club eigenlijk hetzelfde als hij al sinds de vroege  jaren 90 doet, gewoon onder een andere naam.  Maar hij deed dat wel uitstekend. Droog, en een beetje star, maar met een bijzonder warm stemgeluid en een flair van bv een Ferry of Bowie.  Kwaliteit die we gewoon tegenkwamen  en bij zijn blijven staan.  Shopping op PkP.



Jake Bugg
We begingen de vergissing naar JAKE BUGG(**) te gaan kijken ipv FINK. Foute keuze bleek, want waar Fink flink bewierookt werd door collega’s en vrienden die we nadien tegen het lijf liepen, bleek Bugg redelijk flauwtjes.  Ik hield al niet echt van zijn stemgeluid, maar de songs zijn dan wel weer dik ok. Dit is echter helemaal niet voldoende om te blijven boeien.  Openers ‘beast’ en ‘trouble town’ bleken dan ook meteen voldoende.

Snoop Dogg aka Snoop Lion
Vermoeide benen waren de oorzaak dat we aan de mainstage bleven rondhangen, en zodoende de confrontatie met SNOOP DOGG aka SNOOP LION(***) aangingen.  Die deed dat effectief niet onaardig, maar plaatjes draaien tijdens je gig is zo uh... not done ?  Het publiek vond dat echter geen probleem en zong luidkeels met Joan Jet mee, wiens mp3 tje van i love rock’n roll integraal gedraaid werd. Verder kwam hij best wel fijn uit de hoek, met de nodige humor en een paar hits op  zak dwong hij je eigenlijk om te blijven kijken en na het optreden had je het gevoel dat het allemaal zo erg niet was. Een beetje zoals bij de tandarts vroeger, na afloop.
Queens Of The Stone Age
Redelijk wat sterren ook (****) voor QUEENS OF THE STONE AGE, die zeer strak, naar alle verwachtingen een gewoon uitstekende show neerzetten. PkP headliner compleet waardig. Hier ging helemaal niets verkeerd, en het werd geen seconde vervelend.  We haken in bij ‘no one knows’ en een 17 tal nummers later zoek je vruchteloos naar een puntje van kritiek.  Perfectie dan maar, een betere afsluiter voor PkP 14 is moeilijk denkbaar. Misschien wel PORTISHEAD, die we misten, je moet nu eenmaal keuzes maken, of Anna Calvi ?
Maakt eigenlijk niet uit. PkP14 was een uitstekende editie, met een sfeertje dat geen moment kapot ging. Op naar de dertigste editie, die een ietwat speciaal zal worden toch ? (as)



Portishead




zondag 10 augustus 2014

Theater Op de Markt 2014 @ Hasselt

Fotoverslag : Theater Op De Markt

Afgelopen weekend werd Hasselt overspoeld door openlucht-, circus- en locatietheater. Op meer dan 23 locaties brachten 50 gezelschappen meer dan 200 voorstellingen, waaronder knappe premieres. Een paar voorstellingen dienden afgelast wegens slecht weer, maar uiteindelijk viel een en ander nog best mee. De weersomstandigheden waren niet optimaal, maar Hasselt kwam nog behoorlijk goed weg. Zo goed zelfs dat er nog steeds makkelijk 120.000 bezoekers konden genoteerd worden.

De achtste Hasseltse editie van Theater op de markt mag dus gerust een succes genoemd worden.





Les P'tits Bras


vrijdag 1 augustus 2014

Suikerrock 2014 @ Tienen

Ozark Henry


Fotoverslag : Suikerrock

Dag 1 : wachten op Simple Minds

Want voor de twee openers, Moya en Puggy, moet je niet echt naar de Tiense markt afgezakt komen. Nochtans worden we op Suikerrock graag verrast door deernes die songs kunnen schrijven.  Denk aan Gabrielle Aplin vorig jaar, en uiteraard Heather Nova, die hier vaker langskomt.

Moya

Moya kampte met een notoir rotgeluid. Bij de eerste twee nummers was ofwel de FOH mixer nog niet op post ofwel had iemand doodleuk niet alle speakers aangezet. Ze herstelde wel wat later in de set, maar veel deed het niet met ons.

Puggy een uur of wat later ook niet echt. Een Brit, een Fransman en een Zweed lopen samen een kroeg binnen, en ipv een slechte grap krijg je dan een erg matig bandje. Het drietal leerde elkaar kennen in België,  vormden een groepje met de beste bedoelingen, maar veel meer dan een klein, net niet interessant genoeg singeltje 'when you know',kwam er nooit echt uit. Ze hebben wel wat fans bij in Tienen. Allemaal netjes gekleed, teenslippers,  frisse zomerse kleedjes en tshirts, en ook de kids van de buren mochten mee.

Puggy

Veel te braaf, compleet onschuldig, en een heel klein beetje boring was ook hun muziek. Een paar decennia geleden had je die term 'powerpop', daar sloeg je toen al geen vlieg mee van het behang. Dat singeltje, ja, net heel even , en dan mateloze verveling.

Wachten op Simple Minds dus. Wachten op de intro van opener 'waterfront', en de zwangere bezwerende trage dans van Jim Kerr. Die meteen ingezet werd bij 'lovesong' en  bezwerend bleef tot en met afsluiter 'Ghostdancing'. Het  had een beetje anders mogen eindigen dan met een wat lauwe medley, maar dik 70% van deze Simple Minds gig zat meer dan goed. Lovesong, Mandela day, glittering prize, lieten meteen verstaan dat het een greatest hits set zou worden, met alleen maar big ones. Een beetje in tegenstelling tot hun passage op Werchter classic een paar weken geleden.

Simple Minds

Kerr kan een massa bespelen zoals geen ander, heeft ook al bijzonder veel ervaring daarin. Het was een beetje champions league na een avondje eerste provinciale. De perfecte beheersing van Kerr/Burchill in combinatie met het finegetunede drumgeweld van Mel Gaynor tegenover het enthousiaste maar kleurloze mini feestje wat Puggy  neerzette.



Dag 2 : starten met een deerne (toch nog)

Waar gisteren Moya onze deerniaanse verwachtingen geenszins inloste deed Suikerrock-zaterdag opener Nina Nesbitt dat wel. Nina is Schots, met een beetje Zweeds bloed, en jong. Helemaal self made, en voor haar leeftijd bijzonder nuchter. Lekker zelf relativerend, beautifull en ze kan songs schrijven. Ze reed afgelopen jaren haar eigen parcours en hield souteneurs als Ed Sheeran bv af, hetgeen je minstens erg moedig mag noemen.

Nina Nesbitt
Ze schoot de ruimte in nadat Universal haar van haar eigen youtube kanaal plukte om een plaat te maken. Dat werd 'Peroxide', met liedjes vol teenage angst en lovesongs die voldoende kruiding meekregen om gesmaakt te worden door een publiek.

Ze opende op Suikerrock met het titelnummer uit dat 'Peroxide' album, en veroverde meteen harten. Je zou haar ergens tussen Amy Mac Donald en een jonge Suzanne Vega kunnen situeren, en hopen dat ze naar de maturiteit van deze laatste kan groeien. Hopelijk is dit een blijver. We onthouden een zeer fraai optreden, en nummers zoals 'Selfies' en 'Mr C'. Enig puntje van kritiek over de set : 'Into The Groove' van Madonna coveren had zeker niet gehoeven.

School Is Cool
We springen van Nesbitt meteen naar Arsenal, De Jeugd Van Tegenwoordig en School Is Cool slaan we wegens niet echt boeiend even over.


De Jeugd Van Tegenwoordig
Who's that girl ?
 Arsenal opende ontzettend sterk, mysterieus, dreigend en pakkend. Dat had ook te maken met de Bjorkiaanse uithalen van die gastzangeres bij dat openingsnummer. Je hoorde zowat iedereen rond je vragen wie dat nu wel mocht zijn ? Juffrouw in kwestie lijkt wel op een van de leden van Blackie met Uhus, maar t'was wel degelijk iemand anders. Jenny Rossander, Deens en minnestreel bij Lydmor, u spotifiet dit best even, wegens zeer de moeite. Arsenal, sterk dus, ook zonder gasten, en hard werkend op dat podium. Ze kregen maar een uurtje speeltijd dus moest alles uit de kast. Klassiekers Bergamo, Longhi, en  Estupendo bliezen stoom uit de kasseien op de Tiense markt. Opnieuw die enorme geluidskwaliteit ook. Hoogtepunten : een chilling versie van Black Mountain uit Furu en afsluiter Lotuk.



Arsenal
Arsenal was meteen ook het beste concert van de zaterdag. Het toch wel lang geanticipeerte optreden van Madness viel wat tegen. De drive van welleer is er wat uit, de snelle rocksteady riffs ook. Opnieuw stellen we vast dat je in bepaalde gevallen de houdbaarheidsdatum best niet blijft overschrijden. Nochtans begonnen ze hoopvol met Nightboat To Cairo, meteen gevolgd door Embarassement, al iets minder snel en gretig, maar dan zakte het zaakje in elkaar en keken we een aantal minuten naar een balorkest op leeftijd op de pier van Brighton. Maar ze hebben gelukkig niet voor niets de slogan "entertaining the public since 1979". Ze herstelden halfweg met een behoorlijke 'my girl' dan weer wat voortkabbelend op traagheid en old age, maar eindigen deden ze dan weer groots. Baggy Trousers kreeg wel snelheid mee, en ook Our House mocht er zijn. One Step Beyond en House Of Fun deden ons zelfs heel even terugdenken aan Brixton academy ergens vroeg jaren 80, toen we ze daar aan het werk zagen in ander two tone gezelschap. Groots eindigend, maar eigenlijk hoeft dit niet meer wegens meer pathetisch dan nutty.



Madness
Goose sloot de zaterdag af, en deed dat bijzonder onopvallend. We missen het sfeertje wat deze band nog niet zo heel lang geleden in een tent op bv pukkelpop neerzette. Ondanks het nog steeds sterke geluid van de band, met nu nog meer gitaar ruggesteun, werd het nooit echt spannend. Of is het toch die Schauvlieghe norm die de effectieve beleving gewoon halveert . Goose moet rothard gewoon, en niet halfzacht.

Goose



Dag 3 :


Slongs Die Vanongs
De derde dag Suikerrock is naar traditie nogal familie getint. Al ontbreken op de laatste edities gelukkig schlagertoestanden en is de programmatie, laten we het houden op ‘meer toegankelijk’.
Slongs Die Vanongs mocht openen. Redelijk verrassend toch, want ironie en satire rijmen we toch niet meteen aan ‘familie’.  Helaas is m'n Antwerps nog slechter dan mijn West Scandinavisch en ontging de finesse van Slongs me grotendeels.  Maar de filosofie erachter leek duidelijk, gebracht met welgemikte humor en vettige knipogen was dit zeer te pruimen zelfs.






Urbanus & De Fanfaar


Humor van een andere soort kwam er een uurtje later van Urbanus, die gewapend met een ‘fanfaar’, bestaande uit simultaan gekapte gitaristen en veel herrie, een muzikale bloemlezing bracht uit zijn ellenlang repertoire. ‘belastingcontroleur’, ‘gladde iolen’ en dat soort dingen volgden elkaar op in een speedtempo. Maar zelfs op Suikerrock voelde dit vreemd aan op de affiche.


Umberto Tozzi


Rond vijven was Tienen dan weer ontsnapt aan een onweer en kreeg je kwaliteit. Umberto Tozzi, Italian gentleman en begenadigd songschrijver zette een uur puur vakmanschap neer. Openend met 'Senza esperanza’ kreeg je een set lang de ideale soundtrack voor een lange autorit langs de Italiaans/Franse rivièra van San Remo naar Monaco. Uitstekend begeleid door een compleet relaxte band zong de Tiense markt ‘ti Amo’ en ‘Gente de mare’ mee . Fijn zondagnamiddag werk.


Alison Moyet

Moeilijker werd het bij Alison Moyet die, zich zichtbaar ongemakkelijk voelend op dat podium, zichzelf de beperking had opgelegd om haar rijke repertoire back to basics te brengen. Een electronische setup, zonder live-drum en zonder ook maar enige opsmuk. De drummachine en het ijzige keywerk accentueerden zo nog meer die wonderbaarlijke stem. Het was even schrikken om ‘nobody’s diary’ zo uitgekleed te horen, maar het werkte wel vrij snel. Al was dit misschien niet de ideale plek om dit te doen, je moet haar bewonderen voor zoveel durf. Classics werden helemaal van bombast ontdaan en dat resulteerde met momenten in bloedmooie songs. ‘is this love’ bv, altijd al een klassenummer,  liet je nekharen overeind kruipen in zoveel eenvoud. Het accent hier volledig op haar stemgeluid, maakte ze er een ballad van die zuiverder leek dan Ardeens flessenwater. Haar songs bracht ze met echte passie, ook de oude Yazoo dingetjes, behoorlijk van kledij ontdaan zong ze die alsof ze ze eergisteren pas had geschreven. ‘Love resurection’ kreeg dan weer een full electronic jasje aan, en leek misschien nog het meest op de oude Moyet, vlak na haar tijd met Vince Clarke. Die laatste was nog heel even spiritueel aanwezig in afsluiter ‘don’t go’ waarin je hem gewoon niet kan wegdenken ook al speelt iemand anders dat keyboardriedeltje.
Een zeer moedige set, over te doen in een concertzaal in de vroege herfst, daar komt dit allicht veel beter tot zijn recht.



Ozark Henry

Een van de Suikerrock hoogtepunten kwam er bij Ozark Henry, die verrassend uit de hoek kwam. Hij slaagt er wel vaker in zichzelf opnieuw uit te vinden, maar deze keer zat het toch wel erg dichtbij de target. Een podiumopstelling waarbij hij achter zn keyboard recht tegenover backing vocaliste Laura Groesenaken staat, die eveneens gewapend met een keyboard hem van antwoord dient. De drummer naast de twee, en Piet Goddaer die niet meer hoeft te bewegen dan zich af en toe om te draaien om een bass om te hangen. Het werkt bijzonder goed, de interactie tussen de twee is de spil van de show.  Goddaer springt Goddank niet meer op en neer en verlegde zijn focus compleet op zang en spelen. Prima zo. Openen met ‘Intersexual’ en onheilspellende visuals liet de set meteen lijken op de soundtrack van een duistere science fiction film. Daar kent ie ook wel iets van , beluister bv zn soundtrack van Stephan Strekers “le monde nous appartient” maar eens. Een set ook in twee stukken leek het wel, want Bowie cover ‘heroes’ met melodica bleek een divider, naar een toegankelijker tweede deel, met ook een paar hitjes. Hoogtepunt werd ‘i’m your sacrifice’ waar het Tiense publiek compleet bij uit zn dak ging.


The Jacksons

Afsluiten dan maar met de absolute Suikerrock headliner. Misschien wel de beste ooit, als je de zaak even nuchter bekijkt dan toch. The Jacksons maken geen muziek waar we hier bijzonder enthousiast van worden, maar productioneel gezien was dit meer dan af. Show uiteraard, en nog niet zo’n beetje. De broers zijn al een jaartje ouder intussen, maar lijken fitter dan ooit. Perfecte choreografie, perfecte close harmonies, en ongebreideld enthousiasme. Openen deden ze met het bombastische ‘Can you feel it’, meteen raak, en het zou niet meer stoppen. Het publiek kreeg enkel kans om adem te halen bij een paar smeuige ballads op motown leest, maar meteen erna klonk de zoveelste hit, zoals bv ‘abc' 'I want you back’ en kon je gewoon geen been meer stilhouden.
Een ideale afsluiter voor een stadsfestival dat zn traditie hoog hield, grote namen, maar ook fijne dingetjes tussendoor. Suikerrock 2015 mag dit nog’s doen.